Terug
Menu
Terug naar Columns

Objectief gezien

Terwijl Bas en ik met z’n tweetjes zijn, hebben bijna al onze vrienden kinderen. Om preciezer te zijn, hebben bijna al onze vrienden de leukste kinderen van de wereld. Nee, dat vinden ze niet zelf, haasten ze zich ons te vertellen – elke ouder vindt zijn kind natuurlijk de leukste van de wereld – nee, dat zien ze als ze objectief naar hun kinderen kijken.

Ga maar na, zo rond de drie à vier maanden begint een dreumes te tijgeren. Maar de dochter van vriendin A. kruipt nu al! Al ver voor zijn eerste verjaardag kon zoontje X. staan. En kleuter M. telt op haar mollige vingertjes al moeiteloos tot tien. Da’s toch knap hè.

Bij toeval hebben al onze vrienden hoogbegaafde baby’s. En nee – we worden bloedserieus aangekeken – dat is geen geluk. Sterker nog, als we het eerlijk willen weten, ze maken zich er stiekem toch een beetje zorgen over. Kijk, nu kindlief nog niet naar school gaat, is er nog geen probleem, maar iedereen weet dat hoogbegaafde kinderen het later heel erg moeilijk krijgen.

Met een zorgelijke blik wordt kindlief op schoot getrokken. Kindlief wil helemaal niet op schoot, wurmt zich eraf en begint als een dolleman door de woonkamer heen te hollen, onderwijl gillend: je mag me niet pakken!

Niemand heeft daar aanstalten toe gemaakt.

Nu zou ik natuurlijk besmuikt kunnen lachen en zeggen dat mijn vrienden het verkeerd zien. Maar het toeval wil dat Bas en ik de baasjes zijn van een hoogbegaafde hond. Objectief gezien dan, hè.

Dunya is bovengemiddeld lief en bovengemiddeld mooi. Als ik haar op het grasveldje zie poepen, de wind door haar vacht waait en ze haar neus zo wijs in de lucht steekt, dan maakt mijn hart werkelijk een sprongetje. Hoeveel honden kennen er nu het commando ‘omdraaien’? En dat madame niet altijd luistert, komt niet doordat ze ons niet begrijpt, maar doordat ze eigenzinnig is. Net als Bas en ik.

Het ergste van alles is dat ik het bovenstaande daadwerkelijk meen. Ik vind Dunya oprecht de beste hond van de hele wereld, dus wie ben ik om iets te vinden van mijn vrienden die hun eigen vlees en bloed in hun armen hebben.

Ik houd alleen mijn hart vast voor het moment waarop al die zoons en dochters straks oud genoeg zijn om met z’n allen Dunya uit te laten. Is de wereld wel klaar voor dit bombardement hyperintelligent geluk?

 

Gepubliceerd in Almere Deze Week, februari 2017