Terug
Menu
Terug naar Columns

Het stille zuiden

Het is stil om me heen. Ik heb mijn biezen (lees: laptop) gepakt en ben naar Zuid-Frankrijk gereden om daar in alle rust aan mijn boek te werken. Want tja, mijn verhaal mag wel af zijn, kláár ben ik nog niet. Mijn uitgever is met de stofkam door mijn manuscript gegaan. Is deze gebeurtenis wel logisch? Zou je hoofdpersoon dit wel zeggen? En is het niet beter als je deze scene aan het eind zet in plaats van het begin?

Het is stil om me heen. Ik heb mijn biezen (lees: laptop) gepakt en ben naar Zuid-Frankrijk gereden om daar in alle rust aan mijn boek te werken. Want tja, mijn verhaal mag wel af zijn, kláár ben ik nog niet. Mijn uitgever is met de stofkam door mijn manuscript gegaan. Is deze gebeurtenis wel logisch? Zou je hoofdpersoon dit wel zeggen? En is het niet beter als je deze scene aan het eind zet in plaats van het begin?
En dus zit ik hier, aan de oever van de Lot te pielen op mijn zinnen. En omdat je nu eenmaal niet 24/7 kunt schrijven, proef ik ondertussen la belle France. Plop daar gaat weer een fles en in mijn keuken – de keuken hier heeft de oppervlakte van mijn voltallige woning in de Wierden – staat de coq au vin op het vuur te pruttelen.

Ik verdwaal, drink koffie met Franse opaatjes, doe boodschappen op de markt en lig na een productieve dag met een big smile in mijn ouderwetse bed. Alle luiken zijn dicht, ik heb een kruik aan mijn voeteneind geschoven. Nu niet denken aan wat er met mijn hoofdpersoon gebeurt als die in haar eentje in een vakantiehuisje in Frankrijk ligt…

Wat ben ik blij dat ik na twintig versies van mijn verhaal het thrillerelement niet meer hoef te voelen. Dat het nu over punten en komma’s gaat, in plaats van over angst, verdriet en weerloosheid.

Maar dan… Klik. Wat is dat? Ik ben een vrouw in haar eentje in een griezelig groot huis in Zuid-Frankrijk. De vreemde kamer is intens donker, het hout kraakt, een hond blaft. Slik. Ik voel me bekeken, door de inspiratie, die in het holst van de nacht naar me ligt te loeren.