Terug
Menu
Header Rotator
Terug naar Columns

De hippe vegetariër

Dit weekend kregen we een stel te eten dat hier niet zo heel vaak komt en zoals altijd wanneer we gasten ontvangen, stelde Bas voor om ‘zijn’ peppersteak te maken. (Aan mij de schone taak de doordeweekse maaltijden te bereiden, aan hem de eer te scoren met bijzonderheden.)

Ik was meteen voor, want Bas’ peppersteak is niet alleen erg lekker, het is ook meteen een dinershow. Het vlees wordt aan het begin van de middag vol liefde voorbereid, gaat in één stuk in de oven en wordt, wanneer de gasten aan tafel zitten, met veel gevoel voor decorum door de man des huizes aangesneden. Het is meer dan vlees, het is de compensatie van Bas’ vegetarische jeugd in een ovenschaal.

‘Was zij trouwens niet een vegetariër?’ vroeg ik. Bas keek op van zijn boodschappenlijstje. ‘Shit, ja, daar zeg je wat. Nou goed, dan maak ik voor ons peppersteak en voor haar een vegaburger.’ – ‘Da’s ongezellig,’ antwoordde ik. En met die woorden kwam de taak van het koken weer op mijn bordje terecht.

Na een verwoede googlesessie vond ik een recept dat er volgens mij best mee door kon: een bierstoof met seitan en rode biet. Een hele fles trippel moest erin. Daarmee zou ik mijn man toch nog een beetje blij maken, wist ik. Op mijn boodschappenlijstje stonden ingrediënten, die ik nooit eerder in mijn keukenkastje had gehad en ik moest naar twee natuurwinkels én de supermarkt om alles bij elkaar te sprokkelen.

Tijdens het koken ging er meer bier in de man dan in het gerecht en vertelde Bas hoe de buurvrouw hem vroeger stiekem sausijsjes over de schutting heen gaf.

‘Maar dit is eigenlijk best wel lekker,’ was mijn commentaar. ‘Proeven?’ Het was niet met enthousiasme, maar uiteindelijk gaf hij toe dat het inderdaad best te hachelen was – ‘voor iets vegetarisch dan’.

Toen onze gasten hoorden dat er in plaats van peppersteak seitan op het menu stond, keek mijn vriendin haar man meelevend aan. ‘Arme schat. Door mij zit hij nu altijd vegetarisch te eten, waar we ook komen.’ Hij lachte wat deemoedig. ‘En ik ben echte vleesliefhebber hè.’ Bas hoefde niets te zeggen, zijn blik zei al genoeg.

Nog voordat de stoofschotel helemaal op was, prikten de heren een datum voor een afspraak lekker met z’n tweetjes. Vlees willen ze. Veel vlees. En ik? Voor mij staat er nog een aanzienlijke hoeveelheid seitanschotel in de vriezer.

Gepubliceerd in Almere Deze Week, november 2017